AI is stukwerk

7 september 2026

Een verdiepend artikel van het bisdom Breda voor de Pius Almanak

Kunstmatige intelligentie, ofwel artificial intelligence (AI) is niet meer weg te denken uit het dagelijks leven. In elke sector van de maatschappij wordt nagedacht over de inzet ervan en hoe deze veelbelovende simulatie van menselijke intelligentie een hulpmiddel kan zijn om menselijke arbeid te ondersteunen.

Ook parochies, bisdommen en religieuze congregaties zetten stappen op het gebied van AI. Daarbij klinkt de ‘hoe’-vraag opvallend vaak: “hoe kunnen kerkelijke organisaties rekening houden met of gebruik maken van deze ontwikkelingen?” Parochies hebben vaak te maken met openstaande vacatures voor de vrijwillige functie van bestuurslid communicatie. Dan kan het verleidelijk zijn om de snelle en gratis hulp in te roepen van een AI-chatbot. Concrete voorbeelden kennen we intussen: “Maak van deze onsamenhangende tekst een wervende uitnodiging voor een speciale bijeenkomst.” Of: “Stel op basis van deze namen, tijden en locaties een liturgisch rooster samen.” De AI-chatbots staan te popelen om onze vragen te beantwoorden. Zij geven zelfs meteen suggesties om verder op de vragen in te gaan.

Het gemak waarmee machines het werk overnemen van mensen, roept ook vragen op. Het gaat namelijk niet enkel om de ‘rotklusjes’ die je door slimme software kunt laten doen. Het gaat inmiddels over intelligent werk waarvoor mensen jarenlang een opleiding hebben gevolgd. Generatieve AI, de vorm van kunstmatige intelligentie die op basis van trainingsdata nieuwe tekst, beelden of muziek samenstelt, maakt menselijke intelligentie in bepaalde opzichten overbodig en vormt daarmee een serieuze bedreiging voor de werkgelegenheid.

Mens, wie ben je?

Een diepere beschouwing over hoe het mens-zijn zich verhoudt tot ‘de machine’ of een meer filosofische en theologische reflectie komt minder aan bod in het AI-discours. Maar een rustige, meer reflectieve benadering is wel relevant als we willen onderscheiden welke ethische kanten het gebruik van AI met zich meebrengt. Het brengt de aloude catechismusvraag naar voren: “Mens, wie ben je?” Existentiële vragen worden in elke tijd gesteld, en vooral op scharniermomenten in de tijd zijn ze prangend. Wat maakt ons menselijk?

Katholieke sociale leer

Dat het tijd is voor reflectie over het gebruik van kunstmatige intelligentie, laat paus Leo XIV zien met zijn eerste encycliek Magnifica Humanitas (2026), waarin hij opkomt voor de mensheid en menselijkheid op de drempel van een nieuw tijdperk waarin AI een vlucht neemt. Met deze encycliek schrijft paus Leo XIV een nieuw hoofdstuk in de katholieke sociale leer, waarvan zijn voorganger paus Leo XIII de contouren al schetste in diens encycliek Rerum Novarum in 1891.

In aanloop naar Magnifica Humanitas, publiceerde het Vaticaan in 2025 al een nota over kunstmatige intelligentie: Antiqua et nova. Hierin wordt de relatie tussen menselijke intelligentie en kunstmatige intelligentie uitgelicht en worden reflecties gegeven op de antropologische en ethische uitdagingen die AI met zich meebrengt. Het document is een veelomvattende bijdrage in het publieke debat en oogst ook buiten kerkelijke kringen waardering vanwege het integrale perspectief op de mens.

Ethiek

Dat AI ethische vragen opwerpt, is niet vreemd. De belangen zijn groot en de gevolgen verstrekkend. Daarbij speelt onmiddellijk de vraag wie deze ontwikkelingen eigenlijk objectief kan duiden. Welk perspectief is vrij van belangen? Wie ontwikkelt AI en met welk doel? Wie profiteert en wie draagt risico’s?

Religieuze organisaties zijn over het algemeen geen grote partijen die toepassingen ontwikkelen op het gebied van kunstmatige intelligentie. Maar zij maken meestal wel gebruik van toepassingen van grote techbedrijven. Denk aan ingeburgerde diensten van Microsoft, Google en ChatGPT. Het stelt beleidsmakers voor grote vragen: op welke manier, in welk land en met welke veiligheidsgaranties worden (persoonlijke) gegevens verwerkt door AI-systemen?” Met een zekere voorzichtigheid moet er gekeken worden naar commerciële dienstverleners buiten de Europese Unie. Dit alles maakt het niet eenvoudig om een kader te formuleren waarbinnen er verantwoord en veilig met AI gewerkt kan worden.

Overheid

Dit speelt ook op het niveau van overheden. In Nederland is er in 2025 een uitgebreide wet gekomen die het gebruik van AI in organisaties regelt. In een zogenaamde ‘AI-verordening’ staan regels voor het verantwoord ontwikkelen en gebruiken van AI door bedrijven, overheden en andere organisaties. In 2027 zal de wet geheel van kracht zijn.

Een van de initiatiefnemers van de wet is de Autoriteit Persoonsgegevens (AP). Deze organisatie wijst op de ‘AI-geletterdheid’: een verplichting die voortkomt uit de AI-verordening. Organisaties die gebruik maken van AI moeten vaardigheden, kennis en begrip hebben over de technische werking van AI-systemen, maar ook over de sociale, ethische en praktische aspecten hiervan. Met een stappenplan helpt de Autoriteit Persoonsgegevens om aan de slag te gaan met AI-geletterdheid.

Naar de beginselen kijken

Een stappenplan is echter pragmatisch. De Kerk nodigt uit om goed naar de beginselen te kijken. Hoe ziet het beginpunt eruit? Is er bij de doelgroep voldoende begrip van wat er verstaan wordt onder kunstmatige intelligentie en wat menselijkheid inhoudt? Dat laatste zegt nogal wat! Ook de vraag welke kosten of ‘offers’ er gemaakt worden bij het gebruik van AI zal inzichtelijk moeten zijn. Dit staat nog los van de ruimte binnen de wetgeving van de overheid. Bisdommen, parochies, religieuze congregaties en individuele gelovigen kunnen niet om de fundamentele vragen rondom AI heen. Zeker niet als zij er gewetensvol en verantwoord gebruik van willen maken.

De liefde

Tegelijkertijd kunnen juist christenen AI relativeren. Aan de christenen van Korinthe schrijft de apostel Paulus dat menselijke kennis eindig is (1 Kor. 13). Hij noemt het “stukwerk”, en plaatst onze beperktheid tegenover het volmaakte, de liefde. “Wanneer het volmaakte komt, heeft het onvolmaakte afgedaan.” God die almachtig is, kiest aanwezig te zijn in kwetsbaarheid en nietigheid. Deze logica is niet van deze wereld. Het is een goddelijke paradox, die alleen door het hart begrepen kan worden, niet door algoritmes.

Als de liefde ontbreekt, is alle kennis en intelligentie nutteloos. Ook (kunstmatige) intelligentie zal altijd beperkt zijn. Wat de mens mens maakt, is de liefde. Machines, hoe intelligent ook, zullen nooit echt kunnen liefhebben. Mensen daarentegen, hoe beperkt of zelfs gehandicapt ook, zullen altijd de taal van de liefde kunnen spreken of verstaan.

Over de Pius Almanak

De Pius Almanak bevat alle actuele katholieke adressen in Nederland, van parochies en kloosters tot zorginstellingen en katholieke media. De uitgave verschijnt jaarlijks en wordt zorgvuldig bijgewerkt met de meest recente gegevens. Daarnaast biedt de almanak achtergrondinformatie en reflectie voor ieder die betrokken is bij het kerkelijk leven.

Dit artikel over AI door Marc de Koning is geschreven voor de eerstvolgende editie van de Almanak, die van 2027.

Kijk voor bestelinformatie van de Pius Almanak op de website van uitgeverij Jongbloed.

Andere berichten